
“Na een fertiliteitstraject van 2,5 jaar zijn mijn man en ik in 2023 ouders geworden van een dochter. Wat voor vreugde zorgde veranderde al snel in onzekerheid en angst: de uren die zij niet huilde de eerste maanden, waren op één hand te tellen. Na talloze bezoeken aan zorgverleners bleek ze last te hebben van een verschoven nekwerveltje. Helemaal super dat we daarna een vrolijk meisje hadden maar ik belandde in een postnatale depressie.
Aan de antidepressiva wilde ik niet omdat onze kinderwens nog niet vervuld was. Toen we spontaan in verwachting raakten kon ons geluk niet op. Anderhalf jaar na onze dochter werd na een zware zwangerschap onze zoon geboren. Al snel bleek ook hij een huilbaby. Gedurende een half jaar zaten we weer bij elke zorgverlener die we konden bedenken maar helaas is bij hem nooit gevonden waar het aan lag. Het huilen werd langzaam minder.
Ook in de eerste maanden na de geboorte van mijn zoon had ik een postnatale depressie maar nu onze kinderwens vervuld was ben ik meteen hulp gaan zoeken. Ik begon met antidepressiva en er werd door huisarts, psychiater en consultatiebureau meegedacht om de zorg voor de kindjes wat te verlichten. Zo raakten we in contact met Steunouder.
Dit voelde voor ons gelijk goed. De steunoudercoördinator had toevallig een steunouder beschikbaar die goed bij ons paste dus de dag erna al konden wij kennis maken en werden een aantal wenuurtjes gepland. Bijna elke vrijdagochtend gingen beide kindjes naar onze steunouder toe. Er was leuk contact tussen haar en de kindjes: ze gingen wandelen, naar de kinderboerderij en speelden wat af.
In deze uren had ik even tijd voor mijzelf. Een stuk wandelen, een boek lezen, tuinieren of gewoon een film kijken. Even echt rust zonder werk, huishouden en twee drukke kindjes.
Na een jaar zijn we deze ochtenden, in goed overleg, gaan afbouwen. Ik voelde weer de energie en het vertrouwen om zelf voor de kindjes te zorgen als mijn man aan het werk was. Bij het afscheid van onze steunouder benadrukte ze dat wij haar altijd mogen bellen als we eens omhoog zitten en dat is heel erg fijn om te weten. En aangezien we niet ver van elkaar vandaan wonen, zullen we elkaar vast en zeker nog wel eens gaan zien. Wel zo leuk voor de kindjes!” •
Dit verhaal is onderdeel van de expositie die georganiseerd is door steunoudercoördinatoren Linda Sparnaaij (Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk) en Manon van der Meer (Kaag en Braassem). Dank aan alle gezinnen die hiervoor hun verhalen en foto’s beschikbaar stelden!